British Shorthair Cattery Silvercats -> Traditional & Silver Tabby

De kenmerken van een Brit.

Een Teddybeer

De hedendaagse Brit ziet er met zijn compacte, ronde vormen en dikwijls heel bolle wangen, en dankzij zijn uitstaande dikingeplante vacht, nog het meest uit als een levende teddybeer. De grote levendige ogen en de brede snuit, die zonder onderbreking overgaat in de wangen en nek, versterken dit beeld nog.
Zo lijkt deze kat dubbel sympathiek:

" Hij glimlacht gewoon altijd! "


Lichaamsbouw

De Brit is middelgroot tot groot - zijn gewicht bij volwassenheid schommelt tussen 6 à 8 kilo - en het hele lichaam is stevig en goed uitbelanceerd, met een brede borst en vrij korte maar stevige en krachtige poten en een rechte rug.

Ook het achterlijf moet breed zijn. De eerder middelmatig lange staart is breed aan de basis en rond aan het uiteinde, in tegenstellig tot veel kortharige rassen die een spits uitlopende staart hebben.

De Brit van vandaag heeft een ronde kop met brede schedel en een stevige kin. De botstructuur onder de vacht moet namelijk rond zijn, het voorhoofd is iets gerond en de overgang tussen de neus en het voorhoofd vertoont een lichte deuk, maar zeker geen neusstop, zoals bij de Exotic Shorthair of de Pers. De neusspiegel moet een verticale lijn vormen met de kin en het gebit moet correct sluiten. De Brit heeft eerder kleine en afgeronde oren. Ze staan ver uit elkaar en gaan zonder onderbreking over in de ronding van de kop.


Vachtstructuur

De vacht van een Britse Korthaar voelt uniek aan en heeft ook een vrij unieke structuur. Om na te gaan of de vacht van de Brit wel correct is kunt u de volgende test doen: wrijf gewoon tegen de haarinplanting in, van de staart naar de nek, over de rug van de kat. Als de vacht rechtop blijft staan, heeft hij de juiste vacht. Bij Britten mag de vacht namelijk niet tegen de huid aan liggen, ze moet uitstaand zijn en de kat een nog breder voorkomen geven. Dit aspect wordt nog versterkt door de dikke ondervacht. De lengte van de haren mogen niet langer zijn dan iets meer dan een vingerbreedte, nog een aspect dat door keurders op shows wordt onderzocht.

Bij de Britse Korthaar zijn bijna alle kleuren en kleurcombinaties toegestaan.
Zelfs het Himalaya - patroon, de crèmekleurige vacht met de typische " Siamese " donkere vlekken op de snuit, oren poten en staart, is recent als variëteit erkend, en in de Verenigde Staten zelfs als apart ras. Recent werden ook de kleuren lilac en fawn erkend.


Typerende oogkleur

De oogkleur verschilt per vachtkleur. De zogenaamde " solid " (effen) exemplaren, de tabbies (gestreepte en gemarmerde of gespikkelde patronen), de bicolours (effen met wit), de smoke (bepaalde effen kleur met witte haaraanzet) en de volledig witte katten hebben oranje ogen.

Blauwe ogen komen voor bij witte, bicolour en colourpoint (Himalaya - patroon) dieren. Hoewel het uiterlijk niet zal opvallen, is het soort blauw van een colourpoint genetisch verschillend van het blauw van een witte kat, een feit dat voor fokkers van belang is.

En dan zijn er nog de zeldzame Britten met groene ogen: die komen enkel voor bij de zilver tabbies en de zwart of blauw zilver shaded exemplaren.
Bij witte katten komt het odd - eye patroon soms voor: één blauw en één oranje oog.

Kruisingen tussen Britten met oranje ogen en exemplaren met groene ogen zijn niet toegestaan, teneinde beide oogkleuren zo zuiver mogelijk te houden.

Sommige aspecten van deze kat kunnen voor particuliere eigenaars misschien weinig uitmaken of zelfs niet eens opvallen, maar worden op shows wel als fout aangerekend. Een te uitgesproken neusstop, zoals men ziet bij de Perzische katten is wel de belangrijkste. Verder worden ook als fout aangerekend:bolle of diepliggende ogen, een aanliggende vacht, en een verkeerd sluitendgebit (onderbeet of bovenbeet). Bovendien worden ook te kleine of te lichte Britten afgekeurd. Dit betekent uiteraard niet dat een dergelijke kat geen geweldig huisdier zou zijn, zolang showen niet de ambitie van de eigenaar is.


Afstamming

Er zijn auteurs die beweren dat de geschiedenis van de Britse Korthaar teruggaat tot de katten die in het oude Rome als huisdier gehouden werden. De Romeinen zouden tijdens de verovering van Brittannië zo'n tweeduizend jaar geleden, deze katten mee ingevoerd hebben.
Dit is echter vrij vergezocht, want als men deze redenering aanhoudt, stammen àlle Europese kortharige rassen en zelfs de Amerikaanse kortharigen af van die zogenaamde Romeinse " oerkatten ".
Hoewel vele mensen denken dat de Britse Korthaar een natuurlijk ras is, zoal bijvoorbeeld de Europes Korthaar, is dit niet het geval. Wel is het zo dat de wortels van het ras te vinden zijn in Groot - Brittannië, maar het type kat dat we nu als Brit kennen, is ontstaan door langdurige fokprogramma's met de inheemse Engelse katten en de Perzische Langharen.
De oorspronkelijke Britse " boerenkatten " waren reeds mooi en stevig, en verschenen vanaf de jaren 1870 op geregistreerde shows.

Het ras wordt al vernoemd in een van de eerst boeken over raskatten, uitgegeven in Groot - Brittannië in 1889, en de katten traden reeds op tijdens de moeder aller kattenshows, die van het Crystal Palace in 1871.
Dit maakt van de Britse Korthaar een van de alleroudste kattenrassen uit de moderne tijd. Ze zagen er echter nog niet zo rond en compact uit als nu. Dit typische kenmerk is pas ontstaan door de inkruisingen met de perzen. Als partner voor een Engels kat werd vaak gekozen voor een effenkleurige, meestal blauwe pers. Blauw werd immers gezien als de " sjiekste " kleur voor een raskat. Dit maakt dat bij het ontstaan van het ras vaak enkel de vachtlengte het onderscheidende criterium was.
Britse Kortharen zijn prachtige, edele katten, maar toch zijn ze in den beginne dus " in elkaar gezet " door fokkers die een ideaalbeeld voor zich hadden van een compacte ronde kat met korte vacht, als tegenhanger voor de toenmalige" Blauwe Langhaar " die in de jaren 1930 tot 1960 hetzelfde koptype had. De oogkleur en de goedontwikkelde vacht met royale ondervacht van de Brit zijn nog duidelijke tekenen dat er regelmatig een pers werd ingeschakeld om het ras te " verbeteren ".

Vanaf de jaren 1960 begon de internationale belangstelling voor de Brit te groeien. Er werden katten geëxporteerd naar de Verenigde Staten, naar Australië en naar het Europese vasteland, en dan vooral naar Nederland, België, Frankrijk en Scandinavië. In Amerika is de Britse Korthaar bijlange niet zo populair als in onze contreien: alleen al in België en Nederland bestaan er tientallen hobbyfokkers die zich met deze edele en vriendelijke kat bezighouden. En dat terwijl het ras in de Verenigde Staten pas in 1980 erkend werd door de plaatselijke kattenverenigingen!

Enige glamour is de Britse Korthaar trouwens niet vreemd. Wellicht is het zo dat deze katten vrij makkelijk te gebruiken zijn door bijvoorbeeld reclameregisseurs, omdat ze zelfs in drukke omstandigheden het hoofd koel houden. Zo heeft het bekende merk van kattenvoer Sheba al jarenlang spotjes met een Brit in de hoofdrol, en het automerk BMW heeft er recent ook meedere gemaakt.


Karakter

Een rustiger kat dan een Britse Korthaar zal echt wel moeilijk te vinden zijn. Als kitten zijn ze natuurlijk even speels als alle andere kittens, maar naarmate ze ouder - en wijzer - worden, zijn ze veel rustiger. Hun kitten - gekkigheden laten ze gewoonlijk vanaf hun tweede levensjaar achter zich. Het liefst zitten ze edel en elegant te wezen, op een plaatsje waar ze een oogje in het zeil kunnen houden op alles wat er gebeurt. Deze eigenschap maakt dat de Brit een ideale huiskat is wanneer u op een appartement woont, of ergens waar de buitenwereld voor hem afgesloten moet blijven.

Vergis u dus niet: deze miniteddybeertjes hebben misschien een air van eigenwijsheid en onafhankelijkheid over zich, maar toch zijn het aanhankelijke dieren, vooral naar hun eigen baasjes toe. Sommige Britten, en dit schijnt vooral bij katers voor te komen, volgen hun eigenaars overal door het huis. Ze zijn graag in de buurt en zijn bijzonder nieuwsgierig, maar toch zijn het niet echt schootkatten en de meesten houden er niet echt van om opgepakt te worden.
Het zijn geen lawaaierige katten, ze miauwen zelden en nemen alles nogal laconiek op, ze doen zelden schrikkerig.
Een Britse Korthaar is de kalmte zelve en is dus uitermate geschikt al showkat. Doorgaans laat hij zich erg makkelijk verzorgen en vervoeren en hij heeft er niets op tegen om tijdens de keuring in de bench te zitten. En ook tegen het keuren zelf, waarbij de keurmeester toch de kat oppakt en grondig onderzoekt, uit hij haast geen protest.

Al deze eigenschappen maken de Britse Korthaar de ideale huisgenoot!!

Naast zijn aangename karakter en rustige temperament, heeft de Britse Korthaar nog een groot voordeel: hij is erg makkelijk in onderhoud.
Om van dode, loszittende haren af te geraken volstaan twee borstelbeurten per week, in de ruitijd mag dit driemaal per week gebeuren. Gebruik liefst geen kam, op de korte dikke vacht van de Brit heeft die geen enkel effect. Een groomingborstel met vrij dichtgeplante haren is een betere keuze, evenals de nu vaak verkocht handschoenen met rubberen nopjes. Dit laatste kan voor de kat erg fijn zijn aangezien hij het hele gebeuren als een grote knuffelpartij zal aanschouwen en bovendien stimuleert het de bloedsomloop.